Vorm bekennen… aan de slag met het logo-ontwerp!

Dit is blog 3 uit de serie hoe ik te werk ga tijdens een logotraject. Na uitgebreid onderzoek naar de organisatie-identiteit, de klant en de markt waarin het bedrijf actief is, heb ik voldoende informatie om de eerste schetsen te gaan maken. Maar hoe kies ik de juiste vorm en de juiste kleuren? Welke variabelen spelen hierin een rol? Je leest het hieronder.

Allereerst is er de keuze tussen een woord- en een beeldmerk. Een woordmerk bestaat enkel uit letters en is dus een logo waarin de naam van jouw bedrijf of merk de basis is voor het ontwerp. Bekende voorbeelden van woordmerken zijn Disney, Coca-Cola, Skype, Nokia, Siemens, IBM en Levi’s. De meeste bedrijven of merken kiezen voor een combinatie van een woord- en een beeldmerk. Beeldmerken zijn dus een abstracte weergave van waar het bedrijf voor staat. Sommige beeldmerken zijn zo krachtig dat de combinatie met de naam niet meer nodig is; nagenoeg iedereen weet dan wie de afzender is van het logo. Denk aan de schelp van Shell, de schwusch van Nike en de M van MacDonalds.

Hoe kom ik nu tot een vorm en een kleur die passen bij het bedrijf of het merk? Allereerst is het goed om te weten dat elke vorm zijn eigen emotie heeft. Die emotie ervaart de consument als iets onbewusts; hij koppelt de vorm automatisch aan een bepaald gevoel, een beleving of aan een kenmerk. Een paar voorbeelden:

Cirkels: eenheid, liefde, relaties, vriendschap
Rondingen: vrouwelijkheid, beweging, geluk, plezier
Rechthoeken: vertrouwen, vrede, uniformiteit
Driehoek: mannelijkheid, kracht, energie, doelgericht
Verticale lijnen: mannelijkheid, power, kracht
Horizontale lijnen: community, kalmte, rust

Ook voor de kleurkeuze geldt dat ons onderbewuste diverse emoties en waarden direct koppelt aan bepaalde kleuren en kleurstellingen. Ook met kleur kun je je klant dus meteen een bepaald gevoel meegeven. Hier meer over lees in de volgende blog.